RECENSIE Ik kom terug van Adriaan van Dis

Toen ik dit boek in 2014 las heb ik het in één ruk uitgelezen, wat een geweldig boek! Ik wilde er in eerste instantie een recensie over schrijven, maar toen ik eenmaal wist dat ik ging stoppen met mijn boekenblog bedacht ik mij.

Ik kom terug - Adriaan van Dis - Atlas Contact - 2014
Ik kom terug – Adriaan van Dis – Atlas Contact – 2014

Het verhaal op de achterkant

Na een lang leven van zwijgen en buitensluiten begint een moeder opeens te praten tegen haar zoon – aarzelende ontboezemingen over grensoverschrijdende liefde, verraad en drie oorlogen. Hij, een romanschrijver, mag haar biograaf worden, maar er is een voorwaarde: hij moet haar een zachte dood bezorgen. ‘Ik kom terug’ is een tragikomedie over het woeste leven van een vrouw die terugkijkt op haar eeuw.

Een maand of twee geleden kocht ik dit exemplaar in de kringloopwinkel (ik had mijn exemplaar uitgeleend en nooit meer teruggekregen) en besloot het nogmaals te lezen en nu wél te recenseren voor mijn blog. Dat eerste ging prima, ik lees Van Dis zijn boeken graag, maar dat recenseren dat ging niet, want hoe schrijf ik een recensie over zo een persoonlijk verhaal? Na twee weken van proberen legde ik het boek aan de kant. Ik begreep er niets van, potverdorie dit boek heeft niet de minste prijzen en nominaties gekregen (o.a. nominatie NS Publieksprijs van 2015 én het won de Libris Literatuurprijs 2015) en ik kom niet uit mijn woorden?

Ik gaf op Twitter aan dat ik vastliep met mijn recensie (zonder het boek zelf te benoemen) en Just van Justread.nl gaf mij een goede tip: vertel in 150 woorden wat je kwijt wilt over dit boek en ga van daaruit verder! Daar kon ik wel iets mee, vooral nadat ik mij bedacht dat er al voldoende recensies van dit boek online staan; ik schrijf gewoon wat mij opviel en welke zinnen ik mooi vond dus hier gaan we.

‘Ik kom terug’ schetst de beleving van de auteur die zijn moeder langzaamaan begeleidt naar haar sterfbed. Na een leven op zoek te zijn geweest naar haar verhalen, stromen ze eindelijk uit haar doordat hij een afspraak met haar maakt: zij vertelt haar verhalen, hij bezorgt haar een “pil” voor een zachte dood.

Het eerste wat mij opviel waren de quotes voor in het boek en dan met name de tweede quote (de eerste vind ik te makkelijk te herleiden (You must sacrifice your family on the altar of fiction): “All sorrows can be borne if you put them into a story or tell a story about them.” Na wat speurwerk op internet vond ik het volledige stuk:

I am not a novelist, really not even a writer; I am a storyteller. One of my friends said about me that I think all sorrows can be borne if you put them into a story or tell a story about them, and perhaps this is not entirely untrue. To me, the explanation of life seems to be its melody, its pattern. And I feel in life such an infinite, truly inconceivable fantasy.

Wat mij hier aan opviel, behalve de betekenis, is dat de quote in ‘Ik kom terug’ halverwege een zin begint en ik vroeg mijzelf af, heeft de gebroken zin nog dezelfde betekenis als de gehele quote (die trouwens uit een interview van Bent Mohn met Karen Blixen in november 1957 komt)? Het geeft mij voldoende stof tot nadenken, heerlijk!

Wat ik verder leuk vond aan dit boek is dat niet alleen de verhalen steeds dichterbij elkaar komen maar ook de auteur en zijn moeder lijken nader tot elkaar te komen, soms al door het over iets simpels als tuinieren te hebben.

Bijzondere en mooie zinnen:

De auteur is zestien jaar oud, vastbesloten de kist die zijn moeder uit Palembang mee nam naar Nederland te openen, hij sleept de kist naar buiten

Maar zover kwam ik niet, bij de seringenboom bleef ik steken. Mijn moeder hing aan mijn rug, maar ik schudde haar van me af en kom op de kist. Sigaretje erbij en doodkalm puffen. Rook in, rook uit. Mijn oorlogssignaal. Zestien jaar oud.

Al snel wordt duidelijk dat de zoon zijn moeder niet alleen letterlijk probeert af te schudden maar ook figuurlijk. Hij is 16 jaar en probeert op alle fronten los te komen van haar.

Vermorzel de drift. Hunker naar verbetering. Laat het positieve winnen. Ram het erin. We speelden hamer en aambeeld, en vonden elkaar in tegenkracht.

Nadat zijn vader overleed werd de auteur op een zuiveringsdieet gezet en probeerde zijn moeder na het volgen van de schriftelijke cursus Praktische Hypnose zijn drift te beteugelen.

Tegenstribbeling had geen zin, ik was gewend haar proefkonijn te zijn.

Tijdens het jaarlijks paasbezoek aan zijn grootvader wilde hij hem verrassen met een gedicht (De idioot in het bad van Vasalis), hij had het speciaal voor deze gelegenheid uit zijn hoofd geleerd. Grootvader las de beursberichten met een dun ijzeren latje – een ernstig ritueel waarbij je hem niet mocht storen. Hij besloot het gedicht voor te dragen:

‘De idioot in het bad.’ Ik ging recht voor zijn krant staan en speelde het eerste couplet (misschien zou hij me met een rijksdaalder belonen): “Met opgetrokken schouders….” “toegeknepen ogen, haast dravend en vaak” “Wat gaan we nu beleven?”

En voor hij het wist….

Ineens jankte de lucht, terwijl ik daar zo trots en breed voor hem stond, een scherp geluid zwiepte langs mijn ogen, wind langs mijn wimpers… Het ijzeren latje, hij verjoeg mij met zijn ijzeren latje. Ik sprong achteruit. En toen volgde een tekst die beter zou blijven hangen dan welk gedicht dan ook, uitgesproken met bevende hand en een half oog op de lijst uitgelote obligaties: “Je hebt een vreemde jongen, Marie”. Het klonk als een vloek. “Hij draagt anders uw naam,” zei mijn moeder. Meer troost had ze niet in huis. De acteur ging af.

Zo, die zit, maar hoe heftig als je op deze manier wordt “afgeserveerd” door je grootvader? Veel troost gaf zijn moeder hem niet.

Hij trok de wereld in

Op mijn negentiende verliet ik het ouderlijk huis en likte de wonden van moederliefde.

Later bij zijn moeder in het rusthuis

Vraag maar,” zei ze met haar rug naar me toe. “Alles?” “Alles.” De bijtendste vragen schoten door mijn hoofd: Waarom vluchtte je naar Indië? Waarom liep je de kamer uit als die gek met het schuim op z’n bek het behang van de muur trok? Zag je mijn blauwe plekken nooit? Waarom smeerden je dochters ‘m zo snel naar het buitenland? En die sterren, dat gewichel… Waarom die kapstok der krankzinnigen? Maar ik hield mijn mond. Ik wilde haar geen pijn doen, nog niet. Vrouwen deed je geen pijn, dat werd er al vroeg ingeramd. Ze mocht vertellen wat ze wou. Als ze maar een beetje meer moeder durfde te zijn en dat innerlijk staal opzij kon schuiven. Het breekijzer hield ik in reserve.

En

Het rusthuis rook naar koffie, de ochtendkranten lagen uitgevouwen op de leestafel naast de ontvangstbalie, ergens ver weg klonk een piano en dames met gebakken haren rolden hun rollator behendig naar de conveersatiezaal – hun stuurkunsten ontroerde me, ooit waren het steppende meisjes geweest, je zag het aan hun knuisten.

Van het ene uiterste naar het andere uiterste. En deze laatste zinnen, dat is waar Van Dis mij keer op keer mee raakt, ontroerend mooie zinnen <3

“Je wordt steeds kwaardadiger.” “Dat is de ouderdom”, zei ze sarcastisch, “je karakter slijt niet als je ouder wordt, het kookt in, de kern komt boven. We worden allemaal een bouillonblokje van onze eigen soep.”

En tegen het einde staan de -vind ik- twee mooiste zinnen uit dit boek

Onze moeder was tot as verbrand en wij zaten uitgeblust aan tafel. De theekopjes kletterden als vanouds, de tuit van de pot lekte aandoenlijk – na een eeuw familiedienst was ook hij verweesd.

Ik heb dit boek nu in totaal drie keer gelezen en ik blijf steeds haperen bij deze laatste zinnen, ik vind ze zo mooi, treffend en zo intens.

Er zit zoveel gevoel in dit boek, van het ene uiterste naar het andere, soms lijkt het een tennis match, heen-en-weer, heen-en-weer, ik geniet er zo van en ik weet nu al dat ik dit boek nog een vierde keer zal lezen en wie weet ook een vijfde keer. Vroeger zou ik gezegd hebben “een boek twee keer lezen, ben je mal, ik begreep het de eerste keer al’, maar de boeken van Van Dis lees ik sowieso al niet één keer, daar zijn ze veels te mooi voor!

En zo lukte het mij tóch om een recensie te schrijven, of liever gezegd een soort leeservaring waarin ik mijn gevoel (a.d.h. van zinnen) deel over dit boek. Het werd zelfs een soort van “Van Dis week” op mijn blog, eerder deze week plaatste ik mijn recensie van “In het buitengebied“, zijn laatste boek. Ik (her)las afgelopen week trouwens ook nog ‘Nathan Sid’, zijn eerste boek, en ‘Familieziek’ ligt inmiddels klaar op het nachtkastje om herlezen te worden. Ja,  zolang er geen nieuw werk van hem uitkomt, herlees ik zijn eerdere werk maar, geen straf trouwens.

Vertel, lees jij weleens een boek van Adriaan van Dis en wat is jouw favoriete boek van hem?

‘Ik kom terug’ op Youtube:

Voeg dit boek toe op Goodreads of Hebban

4 gedachten over “RECENSIE Ik kom terug van Adriaan van Dis”

  1. Wat een geweldige manier om een boek te bespreken waar al zoveel recensies over verschenen zijn. Hiermee voeg je meer toe, dan een zoveelste recensie. Ik heb het met belangstelling gelezen en genoten van de uitgekozen citaten. Ik heb al veel van Van Dis gelezen, deze nog niet. Soms kun je een boek pas bij een tweede lezing echt waarderen. Dat overkwam mij bij De wandelaar. Ken je die?

    1. Je maakt mij aan het blozen Jannie, dankjewel! Ja dat is helemaal waar, zeker bij dit boek, een ieder die dit boek nog maar één keer las moet het zeker nogmaals uit de kast pakken. De wandelaar ken ik, prachtig, hij ligt op de stapel om herlezen te worden zodat ik er een recensie van kan schrijven, ook zo’n boek dat mensen gelezen moeten hebben.

  2. Geweldige bespreking. Die zinnen; prachtig. Het voert me weer helemaal terug naar de sfeer van het verhaal. Ik heb destijds ook enorm genoten van dit boek, en dat gevoel komt weer helemaal terug. Dank je wel, dus!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *