RECENSIE – Plaatsvervangers van Thomas Heerma van Voss

Dat auteur Thomas Heerma van Voss één van mijn favoriete auteurs is hoef ik niet meer te vertellen denk ik (mocht je het gemist hebben, klik hier) maar over het wel of niet gaan lezen van Plaatsvervangers, zijn laatste boek, twijfelde ik bijna een jaar. Ik houd van muziek, maar luister zelden naar hiphop, wat kan ik uit dit boek halen?

Plaatsvervangers - Thomas Heerma van Voss - uitgever Thomas Rap - ISBN 9789400406544
Plaatsvervangers – Thomas Heerma van Voss – uitgever Thomas Rap – ISBN 9789400406544

Het verhaal op de achterkant

Muziek is een grote liefde van Thomas Heerma van Voss. Op zevenjarige leeftijd bezoekt hij samen met zijn vader zijn allereerste liveconcert. Ineens staat hij oog in oog met muzikanten tegen wie hij tot dan toe alleen op veilige afstand, in zijn jongenskamer, opkeek. Hij beschrijft hoe de virtuele popgroep Gorillaz een middelbareschoolliefde vormt en maakt de lezer op ontroerende wijze deelgenoot van een vriendschap, die via een hiphopsite ontstaat en buiten het scherm opbloeit. Zijn bewondering en nieuwsgierigheid leiden hem jaren later naar New Orleans, waar hij op zoek gaat naar een ondoorgrondelijke gangsterrapper die zichzelf The Ghetto Bill Gates noemt.

De persoonlijke verhalen in Plaatsvervangers draaien steeds om de relatie tussen artiest en toeschouwer, tussen bewonderde en bewonderaar, en telkens beschouwt Heerma van Voss ook zichzelf. Vol sprekende details en persoonlijke overdenkingen schrijft hij over muzikanten die iets kunnen wat hij niet kan, iets durven wat hij niet durft, die leven zoals hij niet leeft.

Over de auteur

In 2009 verscheen Heerma van Voss’ (1990) debuut De Allestafel. In 2013 verscheen de roman Stern, die lovend ontvangen werd. Hierna riepen onder meer het NRC en De Volkskrant hem uit tot een van de grootste literaire talenten. Bij de opnames van College Tour noemde A.F.Th. van der Heijden Heerma van Voss een van de grootste literaire talenten van het land (bron Wikipedia).

Voordat ik begon in Plaatsvervangers vroeg ik mij dus af waarom ik überhaupt in dit boek zou beginnen. Ik luister zelden naar hiphop en als dit boek door een andere auteur was geschreven was het waarschijnlijk volledig langs mij heen gegaan. Uiteindelijk reserveerde en leende ik het toch bij de bibliotheek en direct nadat ik klaar was met de eerste essay fietste ik naar de boekhandel en kocht ik het boek zelf.

Plaatsvervangers bestaat uit zes (autobiografische) essays over muziek. In de eerste essay ‘Het podium’ haalt hij herinneringen op aan het bijwonen van zijn eerste concert (Skunk Anansie). De twee essay ‘De kunst van het verleiden’ gaat over de artiest Tim Blair en ik tref een aantal bijzondere zinnen aan:

Op pagina 28:

Romanschrijvers benadrukken bij voorkeur, zeker wanneer ze in opspraak komen, dat hun werk fictie is. Binnen hiphop doet men op zulke momenten juist een beroep op authenticiteit: een van de ergste verwijten die een rapper kan worden gemaakt is dat hij of zij onecht is.

en op pagina 29, ook zo mooi:

Mijn helden zijn emotionele mensen, mensen die leven zoals ik zelf nooit heb aangedurfd.

en op pagina 33, als reactie op critici die Tim (Blair) Dog verwijten eendimensionaal en repetitief te zijn:

Net zoals het me onzinnig lijkt om van een artiest engagement te willen, zie ik geen reden om te verlangen naar vernieuwing. Alsof iemand pas werkelijk talent heeft als hij meerdere registers beheerst.

De derde essay in Plaatsvervangers heeft als titel ‘De virtuele voorman’ en gaat over de frontman van Blur: Damon Albarn. De auteur geeft een mooie opsomming van de diversiteit van Albarn en vertelt hierin over zijn idee voor dit boek, de roman over Golden Boy.

De vierde essay heeft als titel ‘Mijn roman over Golden Boy’ en gaat over Rob van den Aker, waar Plaatsvervangers aan opgedragen is en over Hiphopleeft. Het duurde even voordat ik doorhad waarom de naam Rob van den Aker mij bekend voor kwam.

Deze zinnen ontroerde mij:

Dat was wat overbleef na al die jaren Hiphopleeft. Een vaag, afgestompt schuldgevoel. Schaamte natuurlijk: het onkruid van mijn emotionele huishouding, hoezeer ik me er ook tegen probeer te verzetten.

Deze vierde essay sprong er voor mij bovenuit, ik heb het inmiddels vijf keer gelezen en het laat mij telkens met een dichtgeknepen keel achter, ik vind het zo’n bijzondere essay <3 <3

Na de vierde essay begon ik uiteraard aan de vijfde essay ‘Adrenaline op bestelling’, aan deze essay de schone taak om mij de emoties uit essay nummer vier te doen vergeten. Daar kan ik kort over zijn, dat deed ‘Adrenaline op bestelling’ niet, maar het leverde wel weer een aantal mooie zinnen op (en herkenning):

 Het is een gedateerde gedachte om muziek alleen maar als vorm van vermaak te zien. Of als middel waarmee een mens zich tot de buitenwereld kan verhouden.

Tijdens een concert van Hans Zimmer:

Van het ene op het andere moment, ik had geen idee waardoor; de dag was fijn verlopen, we hadden geen woordenwisseling of onenigheid gehad. Maar het gevoel liet zich niet tegenhouden. Een tintelende lichtheid die algauw sterker werd, zich ophoopte in mijn maag, en vervolgens in hoog tempo door mijn slokdarm trok, naar mijn keel. Intussen voelde ik ook een spier samentrekken bij mijn ooghoeken, twee spieren. Ik streek mijn vinger erlangs, en ja, wat ik vreesde klopte: er zaten tranen.

En weer was ik ontroerd, vooral omdat ik deze emotie herken, de auteur voelt dit bij muziek en ikzelf ervaar deze emotie vaak bij mooie literatuur (ook bij de vierde essay in dit boek). Tenslotte las ik de zesde essay ‘Op zoek naar de Ghetto Bill Gates’, een mooie afsluiting.

Halverwege het boek ontdekte ik de afspeellijst die bij dit boek hoort op Spotify. Ik noteerde en beluisterde tussendoor vanaf de eerste essay al de artiesten en songs uit dit boek omdat ik toch benieuwd was naar de muziek, vooral de muziek die ik niet (her)kende, deze afspeellijst is een fijne toevoeging (zie onderaan).

Vroeg ik mij hierboven in de eerste alinea nog af wat ik in vredesnaam uit Plaatsvervangers zou kunnen halen, realiseerde ik mij -zodra ik het uit had- dat Plaatsvervangers juist veel met mij had gedaan. Het liet mij nadenken over de rol van muziek in mijn eigen leven en of mijn muzieksmaak in de loop der jaren is veranderd. Plaatsvervangers haalde verder mooie herinneringen naar boven, waaronder aan Concerto in Amsterdam (begin jaren 80 kwam ik daar zeer regelmatig) en aan het eerste (en tevens laatste) concert dat ik ooit bezocht (Prince in augustus 1988!).

Raad ik dit boek aan als je niets hebt met muziek van Hans Zimmer, Blur of hiphop? Ja, Plaatsvervangers is een bovenal literatuur waarin ruimte is gemaakt voor muziek. Als je de vorige boeken van Thomas Heerma van Voss gelezen hebt, lees dan vooral ook dit boek, het zal je verrassen! Ik heb veel mooie quotes/mooie zinnen genoteerd uit Plaatsvervangers, dit boek zal dan ook zeker een keer voorbij komen in mijn rubriek ‘Mooie quotes’.

Plaatsvervangers staat trouwens op de longlist van de Bookspot literatuurprijs 2018 (vh. ECI literatuurprijs) en je kunt nog tot 30 september stemmen voor de Bookspot lezersprijs op jouw favoriete boek(en): klik hier voor de Nederlandse site of hier voor de Belgische site (je maakt daarbij ook nog eens kans op een Kobo ereader).

Lees jij weleens literatuur over muziek, misschien heb jij zelfs een tip voor mij?

 

De playlist op Spotify (het mooiste nummer vind ik trouwens ‘Lonely press play van Damon Alborn <3 <3):

 

10 gedachten over “RECENSIE – Plaatsvervangers van Thomas Heerma van Voss”

  1. Het is duidelijk dat het je enorm geraakt heeft, Sandra, en je hebt het heel aansprekend beschreven. Toch roept het bij mij (nog) niet de behoefte op om het ook te lezen. Ik heb nog nooit iets van Thomas Heerma van Voss gelezen (wel van zijn broer en zijn vader). Welke zou jij dan aanraden voor een beginneling?

    1. Dankjewel Jannie! Ik heb juist weer niets van zijn vader gelezen en ik ben onlangs pas gestart in een boek van zijn broer. Ik zou De allestafel als eerste lezen, ik heb vorige week mijn recensie geschreven, het komt in week 42 online.

  2. Ik vind je recensie mooi, maar moet bekennen dat ik zelf niet heel veel trek krijg in dit boek. Nu lees ik ook eigenlijk zelden essays, ik laat me altijd liefst meevoeren door een verhaal…
    Een boek over alleen muziek is het niet zozeer, maar ik heb met veel plezier ‘A cure for gravity’ gelezen, van Joe Jackson. Het is een autobiografie, verhaalt van zijn jeugd tot het moment dat hij als muzikant doorbreekt en hij omschrijft het zelf als een “book about music, thinly disguised as a memoir”. ( de quote heb ik van wikipedia ).

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.